Methodiek


GezinVoorop werkt systemisch en gaat uit van de sterke kwaliteiten van het gezin. We geloven dat een positieve benadering de mensen waar wij de hulp aan bieden helpt om hun zelfvertrouwen te vergroten en zich veilig genoeg te voelen om een veranderproces aan te gaan. Samen met ouders werken we aan de hulpvragen van het hele gezin. In kleine stapjes creëren we ruimte voor ieder gezinslid om vanuit autonomie te verbinden met de ander. De ouder houdt hierin de regie. Door vanaf het begin van het traject de ouderpositie te versterken en vanuit ouderperspectief de situaties te benaderen, voelen ouders zich gehoord en erkend. Ook geven we ouders belangrijke handvatten uit het theoretisch model van Alice van der Pas, die erop gericht is altijd ‘buffers’ in te zetten om tegenslagen en moeilijke omstandigheden als gezin te doorstaan.

 

Wie was Alice van der Pas - Ouderbegeleider en gezinstherapeut (1934-2017) beschreef de psychologie van ouderschap in haar Ouderschapstheorie. Zij bedacht de ‘ouderbegeleidende positie’, waardoor de gezinsprofessionals in verbinding kan komen en blijven met ouders. Deze gaat uit van drie aannames: dat elke ouder het beste voor zijn kind wil, ook al ziet het er soms niet zo uit; dat ouderschap kwetsbaar maakt; en dat de ouder eindverantwoordelijke is. 

Van der Pas sprak ook over ‘buffers’, voorwaarden die het mogelijk maken dat een ouder onder moeilijke omstandigheden staande blijft. Die buffers zijn volgens haar: 


* een solidaire omgeving, dus een netwerk dat de ouders helpt en steunt; 
* een goede taakverdeling, bijvoorbeeld tussen partners, zodat een ouder het niet allemaal alleen hoeft te doen. Bij alleenstaande ouders kan familie of iemand uit de buurt helpen bij de zorg voor de kinderen. 
* de metapositie, dat is het vermogen van ouders om te kijken naar hoe zij met hun kinderen omgaan en wat hier beter in kan. Daardoor ontstaat ruimte voor verbetering.
* positieve ervaringen als ouder. Als die er voldoende zijn, geven die de ouder zelfvertrouwen, rust en het gevoel dat ze het goed doen, wat het contact met de kinderen ten goede komt.

Deze vier buffers zouden vergeleken kunnen worden met een immuunsysteem: bij ongunstige omstandigheden komen de buffers in actie. In de ideale situatie althans. Als er een buffer ontbreekt, kan een gezinsprofessional samen met de ouder onderzoeken wat er nodig is. Misschien zijn er familieleden die kunnen ondersteunen. Praktisch, maar ook om af en toe stoom bij af te blazen. Overigens hoeven niet alle buffers in gelijke mate ‘gevuld’ te zijn. De truc is juist te onderzoeken welke buffers het best werken bij een gezin en die te verstevigen. Dit is één van de kerntaken van gezinsprofessionals bij GezinVoorop!